Hoe we je voortgang meten

Visie van MA op leren

MA ziet leren als een proces waarin jij steeds meer zelf de regie neemt over je ontwikkeling. Dat betekent dat het niet alleen gaat om cijfers of één toetsmoment, maar om jouw groei over tijd.

Bij Mediacollege Amsterdam leer je stap voor stap. Samen met je docenten kijk je voortdurend waar je staat, wat al goed gaat en wat je volgende stap is. Dat gebeurt met veel feedback, gesprekken en verschillende opdrachten. Die feedback is bedoeld om je verder te helpen, niet om je direct te laten slagen of zakken. Zo wordt leren iets wat je actief stuurt, in plaats van iets wat je alleen ondergaat.

We werken met duidelijke leerdoelen en leerlijnen, zodat jij weet wat je leert en waarom. Je laat je ontwikkeling zien met verschillende bewijzen van je werk, zoals projecten, presentaties of reflecties. Al die momenten samen geven een eerlijker beeld van wat je kunt dan één toets op één dag.

De leeromgeving is persoonlijk en veilig. Er is ruimte om fouten te maken, te oefenen en te groeien. We gaan uit van een groeimindset: vaardigheden kun je ontwikkelen, zolang je blijft leren en reflecteren. Grote beslissingen over je studie worden pas genomen op vaste momenten, op basis van je hele ontwikkeling in plaats van op losse resultaten.

Zo helpt MA je om bewust te leren, verantwoordelijkheid te nemen voor je eigen groei en goed voorbereid door te stromen naar stage en examen

Datapunten

Datapunten zijn alle bewijzen waarmee jij laat zien hoe je je ontwikkelt. Ze vormen samen het beeld van waar jij staat in je leerproces.

Een datapunt is alles wat jij inlevert of laat zien om je leren zichtbaar te maken. Dat kan bijvoorbeeld een project, opdracht, presentatie, video, gesprek of reflectie zijn. Eén datapunt zegt weinig op zichzelf, maar meerdere datapunten samen laten goed zien hoe jij groeit binnen een leerlijn.

Datapunten zijn meestal niet meteen een voldoende of onvoldoende. Ze worden vooral gebruikt om feedback te geven: wat gaat goed, wat kan beter en wat is je volgende stap. Zo helpen datapunten je om gericht verder te leren.

Op vaste momenten kijken docenten naar een combinatie van jouw datapunten. Dat geeft een eerlijk en compleet beeld van je ontwikkeling, omdat het niet om één moment gaat, maar om alles wat je over een periode laat zien.

Kort gezegd: datapunten zijn bouwstenen van jouw leerproces. Hoe beter en gevarieerder je laat zien wat je kunt, hoe duidelijker jouw ontwikkeling zichtbaar wordt.

Meetmomenten

Meetmomenten zijn vaste momenten waarop jij samen met docenten kijkt waar je staat in je ontwikkeling. Hierbij worden al jouw verzamelde datapunten bij elkaar bekeken. Denk aan opdrachten, projecten, gesprekken en reflecties die je in een periode hebt gedaan. Samen laten die zien hoe jij je ontwikkelt binnen de leerlijnen. Er wordt dus niet gekeken naar één opdracht, maar naar het totaalbeeld.

Tijdens een meetmoment beoordelen docenten jouw ontwikkeling op een holistische manier. Dat betekent dat ze kijken naar het geheel: groei, kwaliteit, inzet en samenhang tussen je werk. Je krijgt duidelijke feedback over:

  • waar je nu staat op de leerlijn
  • wat al goed gaat
  • wat je volgende leerstap is

Deze feedback helpt je om gerichter verder te leren en betere keuzes te maken in je leerproces.

Bij Mediacollege Amsterdam zijn meetmomenten formatief. Dat betekent dat ze bedoeld zijn om leren te ondersteunen, niet om direct een oordeel te geven. Meetmomenten vinden minimaal één keer per onderwijsperiode plaats en worden zorgvuldig voorbereid, zodat de beoordeling eerlijk en betrouwbaar is.

Alleen sommige meetmomenten worden gebruikt als beslismoment (zoals bij doorgaan, stage of examen). Dat zijn er bewust maar weinig. Zo telt jouw ontwikkeling over tijd zwaarder dan één los moment.

Kortom: meetmomenten helpen jou en je docenten om samen grip te houden op je ontwikkeling en om te zorgen dat je gericht kunt doorgroeien.

Beslismomenten

Beslismomenten zijn momenten waarop er een officiële beslissing wordt genomen over jouw studievoortgang. Deze beslissingen zijn altijd gebaseerd op jouw ontwikkeling over een langere periode, niet op één toets.

Een beslismoment is een meetmoment waarop een summatief oordeel wordt gegeven. Dat betekent dat er een formele beslissing wordt genomen, bijvoorbeeld over:

  • BSA/VSA
  • doorgaan naar een volgende fase
  • stagegeschiktheid
  • examenadvies

Deze beslissing wordt genomen op basis van het totaalbeeld van jouw ontwikkeling binnen de leerlijnen.

Bij een beslismoment kijken docenten naar alle relevante datapunten en eerdere meetmomenten. Ze beoordelen jouw groei, de kwaliteit van je werk en of je het vereiste niveau haalt. Omdat er veel informatie beschikbaar is, is de beslissing zorgvuldiger en eerlijker dan wanneer die op één toets zou zijn gebaseerd.

Het Mediacollege Amsterdam houdt het aantal beslismomenten bewust beperkt. Tijdens de hele opleiding zijn er maximaal een paar momenten waarop zulke grote beslissingen worden genomen. Tussendoor ligt de focus op leren, oefenen en verbeteren.

Je weet vooraf wanneer een beslismoment plaatsvindt en wat daarvoor verwacht wordt. Zo kom je niet voor verrassingen te staan en heb je zelf invloed op het resultaat door je ontwikkeling zichtbaar te maken.

Kort gezegd: beslismomenten zijn belangrijk, maar ze wegen pas zwaar nadat je meerdere kansen hebt gehad om te laten zien wat je kunt en hoe je gegroeid bent.

Programmatisch toetsen​

Programmatisch toetsen betekent dat je niet wordt beoordeeld op één toets, maar op je ontwikkeling over tijd. Het doel is om eerlijker en beter te laten zien wat je leert en kunt.

Bij programmatisch toetsen verzamel je tijdens je opleiding veel verschillende bewijzen van je leren. Denk aan projecten, opdrachten, presentaties, gesprekken en reflecties. Deze tellen meestal niet meteen als een zak-/slaagmoment, maar geven samen inzicht in hoe jij groeit. Zo is één mindere prestatie geen probleem, zolang je laat zien dat je vooruitgaat.

Docenten kijken regelmatig samen naar al jouw werk en feedbackmomenten. Dat noemen we een meetmoment. Tijdens zo’n moment krijg je terug waar je staat op de leerlijn en wat je volgende stap is. Die feedback helpt je om gericht verder te leren en zelf de regie te nemen over je ontwikkeling.

Pas op een paar vaste momenten in de opleiding worden er echt beslissingen genomen, zoals over doorgaan, stage of examen. Dat zijn beslismomenten. Deze beslissingen zijn gebaseerd op het totaalbeeld van jouw ontwikkeling, niet op één losse toets.

Kort gezegd: programmatisch toetsen draait om leren, groeien en eigenaarschap. Toetsing ondersteunt je leerproces, in plaats van dat het alleen bepaalt of je wel of niet slaagt.

Leerlijnen

Leerlijnen laten zien hoe jij je stap voor stap ontwikkelt van beginner naar examenniveau. Ze geven richting aan wat je leert, wanneer je dat leert en hoe je laat zien dat je vooruitgaat.

Een leerlijn is een doorlopend leerpad binnen je opleiding, bijvoorbeeld voor een vakvaardigheid of een belangrijke beroepscompetentie. Aan het begin start je op instapniveau en gedurende de opleiding werk je in duidelijke stappen toe naar het niveau dat nodig is voor het examen en je beroep. Elke stap bouwt voort op de vorige.

Bij elke leerlijn hoort wat er van je verwacht wordt: leerdoelen en succescriteria. Die helpen jou te begrijpen waar je aan werkt en waar je op beoordeeld wordt. Met opdrachten, projecten en andere bewijzen laat je zien hoe ver je bent in die leerlijn.

Docenten gebruiken leerlijnen om samen met jou te kijken waar je staat en wat je volgende stap is. Jij gebruikt ze om grip te krijgen op je eigen leerproces en om gerichter keuzes te maken in wat je oefent en verbetert.

Kortom: leerlijnen maken leren overzichtelijk, doelgericht en eerlijk. Ze zorgen ervoor dat jij weet waar je naartoe werkt en hoe je daar komt.

Leerdoelen

Leerdoelen beschrijven wat je moet leren of kunnen. Ze geven richting aan je werk en maken duidelijk waar je in een periode of opdracht aan werkt. Een leerdoel gaat altijd over kennis, vaardigheden of gedrag die belangrijk zijn voor je opleiding en beroep. Door leerdoelen weet je waarom je een opdracht doet en wat je ermee moet bereiken.

Succescriteria

Succescriteria maken duidelijk wanneer je een leerdoel goed hebt behaald. Ze beschrijven waar je werk aan moet voldoen. Denk aan kwaliteit, inhoud, aanpak of professionaliteit. Succescriteria helpen je om je eigen werk te checken voordat je het inlevert en om feedback beter te begrijpen.

Rubrics

Rubrics laten zien hoe goed je een leerdoel beheerst. Ze beschrijven verschillende niveaus van ontwikkeling, van startniveau tot gevorderd of examenniveau. In een rubric kun je zien waar je nu staat en wat nodig is om een volgende stap te zetten. Rubrics worden gebruikt om je ontwikkeling te volgen en om gerichte feedback te geven, niet om automatisch een cijfer te bepalen.

Simulise

Simulise is een softwarepakket dat gebruikt wordt voor het verzamelen van jouw werk in een ontwikkelportfolio en het geven van feedback. Met Simulise kunnen docenten de voortgang en prestaties van studenten volgen, feedback geven en jouw voortgang op de leerlijnen inzichtelijk maken.